Lifestory - Lourismême
‘Het stof en gruis kwam met een grote wolk mijn kant op’
Lourismême is 19 jaar en weet van verdriet in haar leven. Op jonge leeftijd verloor ze haar ouders. Met haar jongere zus woont ze bij haar oma in Port-au-Prince. De grote stad waar sinds 12 januari iedereen over praat. En die dag vergeet ze zelf ook niet snel.
‘Ik was die middag thuis bij oma. ’s Morgens op school had ik juist een examen gemaakt. Ik was moe en lag languit op de bank in de kleine huiskamer. Oma was grieperig en had koorts. Ze lag op bed. Ze had me al gevraagd wat medicijnen tegen de koorts op te halen bij mijn tante, die een paar straten verder woonde. Ik lag lekker te soezen op de bank maar na een uur vond oma het wel genoeg. Ze pakte de slipper en maakte me daarmee wakker.'
|
Schuddend huis Lourismême lacht vermakelijk: ‘Ja mijn oma is dan wel op leeftijd maar ze heeft nog pit genoeg! Ik stapte halfverdwaasd op, schoot mijn slippers aan en vertrok. Het was rond kwart voor vijf. Al snel was ik bij het huis van mijn tante. Ze was er niet. Wel mijn neef met een vriendinnetje. Die zaten tv te kijken op de bank. Ik plofte er ook op neer. Er was net een reclame van tandpasta voor toen met een harde klap de tv uitsprong. Eerst dacht ik dat het een stroomstoring was maar toen schudde het hele huis. We renden de straat op.
Ik zal proberen te vertellen wat er toen gebeurde maar het ging allemaal zo snel en er gebeurde zo veel dat ik het bijna niet kan terughalen. Je moet weten, mijn tante woonde net als ons in een wijk waar alle huisjes dicht op elkaar staan.
Ik liep dus buiten en zag overal muren in elkaar zakken. Toen ik in een steegje stond, zag ik twee meter verderop een huis van twee verdiepingen instorten. Het stof en gruis kwam met een grote wolk mijn kant op. Ik zag even niks meer maar deed een stap naar achter en hoorde achter me een enorm geraas. Toen ik me omdraaide zag ik weer huizen in elkaar vallen. Chaos! Een man met een Bijbel in de hand stond achter me en riep: ‘Jezus, Jezus!’ |
 | Zware hoofdwond Met de schuddende aarde onder ons liepen we over het puin en zochten een plaats waar geen muren waren. Mensen met snijwonden en andere open wonden passeerden ons. Mijn neef en ik liepen richting het huis van mijn oma. Ik stond als aan de grond genageld. Het grote huis dat achter ons huisje stond was op ons huisje gestort. We probeerde naar binnen te gaan: goed uit kijkend.
Mijn oma lag kreunend onder een golfplaten dak. Gelukkig kwam mijn oom er ook net aan. Voorzichtig hebben we haar onder het puin vandaan getrokken. Ze had een zware hoofdwond. Mijn oom zou haar naar het ziekenhuis brengen maar deed er een dag over voor hij op de plaats van bestemming was en een plekje had geregeld. Tot maandagmiddag (dus bijna een week) hebben we buiten geslapen in de buurt van de school. Politiemannen gaven ons vanaf donderdagmiddag water. Eten werd uitgedeeld maar er werd enorm om gevochten. Ik heb vooral veel gedronken en in die week heb ik twee keer een bord macaroni op.
Donderdagnacht brak er weer paniek uit. We lagen in het schemerdonker te slapen toen iemand het terrein op rende en heel hard riep dat er een tsunami kwam. Iedereen was angstig en rende zomaar ergens heen. Gek eigenlijk want je weet niet waar je naartoe moet als er een tsunami uit zou breken. Gelukkig was het loos alarm en na een paar uur keerde de rust weer.
Toekomst? Maandagmiddag kwam onze dominee me halen. We zouden naar zijn geboortedorp gaan. In een grote auto met veel kinderen en volwassenen zijn we hiernaartoe gereden. Nu ben ik bij een familie in Forêt des Pins, kennis van de dominee. Ik kende ze niet maar ze zijn heel vriendelijk voor me. Een heel andere wereld. Geen chaos, geen aardbeving. Het is hier op het platteland lekker koel. Mijn oma mis ik wel maar het gaat gelukkig goed met haar. Ze woont nu even bij mijn tante.
De toekomst? Ik weet niet welke toekomst ik ga krijgen. Voorlopig blijf ik hier want ons huis is nog beschadigd, dus ik weet niet waar ik in Port-au-Prince moet wonen. Toch wil ik wel weer terug naar de hoofdstad. Niet omdat ik de stad zo geweldig vind maar je moet daar wel wezen om je toekomst op te bouwen en goed onderwijs te volgen.
Door: Rina Molenaar, medewerker Woord en Daad |